Hoe staat de arbeidsmarkt er nu voor?

Een bijdrage van directeur Arbeidsmarkt, Steven Gudde

Met de coronacrisis is ons land geconfronteerd met één van de meest ingrijpende crisis van de afgelopen decennia. Toch is dat nog niet direct terug te zien in de economie of op de arbeidsmarkt. In Nederland werken nu zo’n negen miljoen mensen. Dat zijn er net zoveel als voor de coronacrisis. Op het oog lijkt er dus niet zoveel veranderd.

Ook lijkt het erop dat de Nederlandse economie niet zo hard geraakt wordt. Dit komt deels door de wijze waarop de Nederlandse economie in elkaar zit. We hebben in Nederland een relatief groot aandeel in dienstverlenend werk dat zich ook goed vanuit huis laat doen. In combinatie met de hele sterke ICT-infrastructuur in Nederland[1], maakt dit dat veel bedrijven vanuit huis goed kunnen blijven doordraaien. Een groot deel van de economie heeft zich dus ‘gewoon’ verplaatst naar thuiswerken op afstand, via internet.

Daarnaast houden de grootschalige steunmaatregelen van de Nederlandse regering heel veel bedrijven en werknemers overeind. Mede hierdoor ligt het aantal faillissementen op het laagste niveau sinds jaren. Dit vertaalt zich dus ook in het uitblijven van (negatieve) effecten op de arbeidsmarkt. Maar ook in het uitblijven van aanbod en mobiliteit van mensen op de arbeidsmarkt.

Personele vraag stijgt

Het afgelopen kwartaal is het aantal vacatures in Nederland met 11% gestegen. De verwachting is dat dit aantal blijft stijgen. Terwijl nu al tegenover elke vacature in Nederland nog maar één (actief) werkzoekende staat. En in sommige sectoren, zoals de ICT en voor bijvoorbeeld de beroepsgroep chauffeurs, is dat zelfs vijf vacatures tegen één werknemer. Dat 12% van alle bedrijven hinder ervaart in de bedrijfsvoering omdat ze niet de juiste mensen kunnen vinden, valt dan nog bijna mee. De Nederlandse arbeidsmarkt is weer net zo krap als aan het einde van 2019 en de werkloosheid in deze ‘crisistijd’ is verder gedaald naar het ongekende niveau van 3,5%. En deze krapte is blijvend. Sterker nog, wij verwachten dat deze alleen maar groter gaat worden. Zeker als we ons hier niet op voorbereiden door ons gedrag en verwachtingen bij te stellen.

Personele aanbod neemt af

Dat we richting een arbeidsmarkt van permanente krapte aan het bewegen zijn, is geen nieuw gegeven. Vergrijzing en de mismatch tussen mens en bedrijf door gebrek aan de juiste vaardigheden, zijn twee belangrijke oorzaken die we voor corona al kenden. Maar door de crisis is daarbij gekomen dat latent werkzoekenden angstiger zijn om een overstap te maken. Een deel heeft zich zelfs helemaal van de markt teruggetrokken. En die mensen keren ook niet meer allemaal terug.

Het gevolg is dat meer dan ruim 12% van de bedrijven[2] aangeeft problemen te ervaren in de bedrijfsvoering, omdat men niet over het juiste personeel kan beschikken. Specifiek voor de vacatures die zijn ontstaan in de coronacrisis geldt dat zelfs ruim 30% van deze vacatures moeilijk kan worden ingevuld[3]. Dit zien we direct terug in de vraag in specifieke sectoren zoals gemeentelijke overheid en gezondheidszorg. Maar ook na corona zullen een aantal sectoren blijvend een andere (en grotere) behoeften hebben zoals de e-retail en de commerciële sector. Daar zijn banen veranderd door corona om niet meer hetzelfde te worden.

Schaarste aanpakken door behoeftes werknemer als uitgangspunt te nemen

Naast de 340.000 werklozen zijn er overigens nog steeds zo’n 3,8 miljoen mensen die niet werken en niet (meer) actief op zoek zijn naar werk. Dit kan zijn omdat ze ontmoedigd zijn, omdat ze denken dat ‘hun’ baan er toch niet is. Omdat werken niet in hun leven is in te passen vanwege (bijvoorbeeld) een mantelzorgtaak. Er is dus nog wel degelijk een ‘reserve’ op de arbeidsmarkt. Alleen het aanbod en de vraag komen niet meer bij elkaar. En dat lijkt voor de toekomst niet veel beter te worden. Tenminste als wij op dezelfde manier de vraag aan de arbeidsmarkt stellen en/of we ons aanbod aan de arbeidsmarkt niet veranderen.

Een groot deel van de schaarste wordt niet veroorzaakt door de kwantitatieve mismatch maar door de kwalitatieve mismatch. Natuurlijk is daar door scholing en opleiding aan de aanbodkant veel aan te doen. Maar de meeste winst is te behalen aan de vraagkant. Door met andere ogen te kijken naar de arbeidsmarkt, naar de behoeftes en wensen die mensen hebben ten aanzien van werk. Als je niet de werkgever maar de (potentieel) werknemer als uitgangspunt zou nemen. Welke keuze zou je dan maken? Dat kan zomaar heel veel opleveren en dan is schaarste iets uit het verleden. 

 

De economische vooruitzichten: voorzichtig positief

De vooruitzichten voor de economie zijn voorzichtig positief. Verschillende indexen geven veel reden tot optimisme. Zo stijgt het producentenvertrouwen net zoals de belangrijke PMI (inkopers index)[4]. Als je daarbij ook realiseert dat de Nederlandse consument heel veel spaargeld heeft liggen dat het afgelopen jaar niet is uitgegeven, wordt er een redelijk snel herstel van de economie verwacht. Maar het zal op onderdelen wel piepen en kraken bij deze opstart.

De coronacrisis heeft ook economische slachtoffers gemaakt, dit zal echter veelal pas na opheffing van de verschillende maatregelen zichtbaar worden. Het lijkt bijna niet te vermijden dat aan het einde van de lockdown bedrijven zullen moeten herstructureren en dat dit banen zal kosten. Dit zijn deels de bedrijven die nu nog door allerlei steunmaatregelen overeind worden gehouden, terwijl er eigenlijk al een jaar geen substantiële inkomsten meer zijn. Voor deze zogenaamde ‘zombie-bedrijven’ is de toekomst onzeker. Dit gaat ten koste van arbeidsplaatsen. Mensen die dankzij verschillende steunmaatregelen in dienst zijn gebleven zullen op zoek moeten naar een nieuwe werkomgeving. Maar of dit de huidige tekorten op de arbeidsmarkt zal verlichten is maar de vraag.

 

Olympia werkt samen met TNO aan nieuwe ‘skillstaal’

De mensen die hun baan verliezen doen dat in sectoren die onder druk staan, met ervaring en kennis die niet aansluit bij wat er nu gevraagd wordt door de sectoren waar de vraag groot is. Omscholen ligt voor de hand. Maar ook op een andere manier omgaan met ervaring en cv’s kan het verschil maken om mensen wel weer aan het werk te krijgen. Wat dat betreft is het pleidooi in het rapport van TNO[5] van afgelopen week om meer naar ‘skills’ in plaats van het cv te kijken ons uit het hart gegrepen. Vanuit Olympia zijn wij zelfs samen met TNO bezig om een uniforme ‘skillstaal’ te ontwikkelen die een andere manier selectie mogelijk maakt. Deze andere manier van kijken naar kandidaten en potentiële medewerkers biedt enorm veel mogelijkheden om ook in krapte, geen schaarste te ervaren.  

 

Conclusie

De voortekenen voor Nederland zijn gunstig. Maar we zijn er natuurlijk nog niet. Nieuwe uitdagingen dienen zich alweer aan, waarvan de arbeidskrapte er één is. Een opstart na een lockdown zal voorzichtig moeten zijn. Daarbij zullen bedrijven risico’s vermijden terwijl ze ook in middelen en mensen zullen moeten investeren om weer vooruit te komen. Waarbij sommige werkgevers een andere vraag moeten stellen of een ander aanbod naar de arbeidsmarkt moeten brengen. Het loont om in tijden van blijvende schaarste anders te kijken naar mensen en andere doelgroepen te overwegen.

 

Bronnen:

[1] Nederland behoort tot de koploper in Europa als het gaat om huishoudens met een internetbreedband: 87%. 98% van alle huishoudens in Nederland heeft internet

[2] Bron: Intelligence Group

[3] Bron: UWV

[4] Index positief producentenvertrouwen in maart 2021: 3,4 (t.o.v. 0,1 in februari)

PMI (inkopers index): boven de cruciale 50 punten (64,7)

 

[5] Skills gevraagd!, TNO mei 2021